dossier Gelderse bouwmeesters 2

In gesprek met Jan Schreurs, ruimtelijk strateeg in het landelijke gebied van Nunspeet- Jan Schreurs is geboren in Oosterwolde (Gld). Zijn ouders hadden een boerderij met zeven koeien, voor die tijd een klein agrarisch bedrijfje. Een grote boer had twaalf koeien. Zijn vader had de boerderij niet van harte, meer uit nood geboren. Vader Schreurs kwam uit een timmermansfamilie maar miste de gave om vakman te worden. Zoon Jan had die gave wel, maar is per ongeluk in de ruimtelijke ordening terecht gekomen. Na de MTS (bouwkunde) was er weinig werk, dus solliciteerde hij op goed geluk naar een tekenbaan bij de afdeling stedenbouw van de gemeente Zwolle. Tot zijn verrassing werd hij uit meerdere kandidaten gekozen.
 
Vier jaar later ging hij naar de gemeente Nunspeet. Daar is hij gebleven tot het eind van zijn loopbaan, zo’n negen maanden geleden. Via een pittige cursus stedenbouw aan de HTS Zwolle en andere opleidingen/cursussen heeft Schreurs zich ontwikkeld tot specialist in de ruimtelijke ordening. Binnen de gemeente Nunspeet heeft hij veel verschillende werkzaamheden verricht. Vroeger ontwierp hij ook wel, kleine inbreidingen en de grotere wijk De Marsse bijvoorbeeld, maar later bewogen zijn werkzaamheden richting de coördinatie en aansturing van externe bureaus. Zijn laatste grote project was het herzien van de bestemmingsplannen voor de kernen Nunspeet, Vierhouten en Hulshorst voordat de nieuwe wet op de Ruimtelijke Ordening zou worden ingevoerd. Dat is met veel moeite gelukt.

Informele bemiddeling
Schreurs is voorstander van informele bemiddelingen bij ontwikkeling in het buitengebied. Als per plan vanaf het begin een formeel traject wordt doorlopen, kunnen kansen gemist worden voor slimme koppelingen. Als voorbeeld noemt hij een terrein bij een kern, waar de gemeente een uitbreiding wilde realiseren, maar de grondeigenaar wilde zelf zijn perceel uitbreiden. Schreurs wist dat een straat verderop een eigenaar zijn grond wilde verkopen en heeft beide initiatieven gekoppeld. De mijnheer die wilde uitbreiden is verhuist naar het te koop staande perceel en daarmee werd tegelijkertijd zijn oude grond voor de gemeentelijke uitbreiding veiliggesteld.
Deze werkwijze kan effectief zijn, maar ook stampij opleveren. Hij moet dus goed aanvoelen wat kan en wat niet, en zo helder en duidelijk mogelijk zijn. Als iemand iets niet mag weten en je zegt hem dat met een knipoog dan kun je problemen voorkomen.
Schreurs kan alleen zo functioneren, omdat hij al lang werkt bij de gemeente, heel veel mensen kent en hen met de voornaam aanspreekt. Hij neemt burgers serieus. Hij heeft ooit een bouwplan gemaakt voor een inbreiding van een 30-tal woningen, maar een buurtbewoner kwam met een alternatief plan. Na enig geaarzel vond hij dat plan beter dan zijn eigen idee en dat is dan ook uitgevoerd.

Aandacht voor kwaliteit in gemeente bij (met name) incidentele gevallen is een probleem. Daarom is een goede samenwerking met (welstand)commissies heel belangrijk. Dit gaat deels formeel, maar ook informele afstemming is in sommige moeilijke gevallen mogelijk. Zo kwam een architect met een voorstel voor een twee geschakelde woning, terwijl duidelijk was afgesproken dat de beide woningen samen de uitstraling van één robuust gebouw moesten hebben. Een van de opdrachtgevers van de woningen was een collega. Door goed voorverleg met de welstandscommissie is de beoogde uitstraling bereikt.
Schreurs heeft altijd buiten de gemeente Nunspeet gewoond, omdat hij volgens eigen zeggen meer kan doen voor de inwoners van Nunspeet als de schijn van partijdigheid wordt vermeden. Vriendschappelijke relaties kunnen lastig zijn bij het nemen van besluiten.

Visie ruimtelijke kwaliteit
Schreurs heeft geen theorie voorhanden, maar vaart blind op zijn eigen gevoel voor kwaliteit. Hij kijkt daarbij naar de omgeving, en let ook op afstemming van materialen. Het valt hem op dat sommige nieuwkomers in het buitengebied goede bedoelingen hebben, maar dan ze hun perceel te mooi willen maken. De stijl sluit dan niet goed aan bij het landelijke en minder opgepoetste karakter van de omgeving. Een schuur moet wel een uitstraling van schuur hebben en niet gaan concurreren met de woning, ook als deze groter is dan de woning. Dit kan bijvoorbeeld worden bereikt door de toepassing van de juiste materialen.
Een vorige wethouder heeft een onderzoek laten uitvoeren naar de essentie van de ‘ Nunspeetse stijl’. Dat heeft niet erg veel opgeleverd, de eigenheid bleek volgens dat onderzoek vooral betrekking te hebben op details van de bebouwing. De laatste jaren speelt de discussie over eigenheid niet zo’n grote rol, wel zijn er architecten die er iets mee proberen te doen.

Ontwikkelingen in het vakgebied – burgers, adviseurs en grondpolitiek
De toegenomen mondigheid van burgers heeft positieve kanten, maart leidt soms tot excessen. Schreuers denkt dat de meeste mensen vaak sowieso tegen verandering zijn, en veel te snel protesteren. Dat was bijvoorbeeld het geval bij de sloop van een school. Op deze locatie zijn woningen gepland, hetgeen de nodige bezwaren opleverde. Hij denkt dat een ontwikkeling van woningen naar school evenveel protest had opgeleverd.

Hij ziet veel kwaliteitsverschil tussen externe adviseurs. Volgens Schreurs werken in Nunspeet vaak wel goede adviseurs. Het is lastig om als ambtenaar te sturen in de keuze van de adviseur van een particulier of bedrijf. Maar hij probeerde dat wel. De positie van stedenbouwers in de gemeente is minder groot geworden. Hij ziet ook verschuivingen in het taakveld. Kleine verkavelingen in het buitengebied worden vaker door landschaparchitecten vormgegeven. Over het algemeen is hij daar tevreden over.
In eerste instantie had de gemeente één vaste adviseur, zowel voor het stedelijke als voor het landelijke gebied. Tegenwoordig wordt er voor elke opgave verschillende offertes gevraagd bij drie of meer bureaus. Deze gang van zaken betreurt hij. Het college beslist uiteraard over de offertes, maar kijkt naar zijn smaak teveel naar de prijs. Daarbij wordt vergeten dat de eigen mensen veel meer tijd kwijt zijn als minder goede bureaus/ projecten worden gekozen. Hij noemt een geval waarin hij zelf een hele inventarisatie moest overdoen, omdat het bureau nogal wat steken had laten vallen. Ook weet hij veel meer van de afspraken en toezeggingen in de gemeente. Op deze wijze kunnen schadeclaims zoveel mogelijk worden voorkomen en beloften worden nagekomen.

De grondpolitiek vindt hij vaak onverteerbaar. Hij wijst naar de agrarische grond voor zijn huis, die kost ca 5 euro per m2. Als er woningen op gebouwd mogen worden (na een wijziging van het bestemmingsplan) wordt de prijs ca 50 euro per m2. Dit zijn marktprijzen die door projectontwikkelaars worden betaald, waarbij de gemeente niet achter kan blijven. Stel dat 55 á 60 % van de grond uitgegeven kan worden, dan stijgt de prijs voor m2 maagdelijke grond al snel tot 80 á 90 euro. Er is dan nog niets gedaan aan infrastructuur, aanleg van groen enz. enz. Hij vindt het jammer dat daardoor de prijzen van woningen opgejaagd worden en voor starters nauwelijks te betalen zijn. Als boerenzoon heeft hij er geen problemen mee dat een agrariër er wat beter van wordt. Verplaatsing van een agrarisch bedrijf moet worden gecompenseerd en doorberekend in de grondprijs, maar de grenzen worden naar zijn mening nu vaak overschreden. De prijsopdrijving gaat teveel ten koste van de burgers. Hij heeft een idee hoe het beter kan, bijvoorbeeld door een maximum te stellen aan de verhoging van de agrarische grondwaarde. Stel dat het maximum 200% is dan kan de grondprijs maximaal 10 euro per m2 worden. Duitsland is een goed voorbeeld: daar liggen de prijzen van bouwgrond aanmerkelijk lager.

Provincie Gelderland
Van het programma ruimtelijke kwaliteit van de provincie heeft Schreurs ooit wel gehoord van, maar hij weet niet precies wat het inhoudt. De website Gelders Bouwmeesterschap kent hij niet. Wel het streekplan, dat van belang is omdat het voorwaarden stelt voor ontwikkelingen, waaraan je je toch zoveel mogelijk moet conformeren. Uiteraard probeer je marges te vinden en begrip te kweken bij de provincie voor bepaalde zaken die in het belang zijn van ruimtelijke kwaliteitsverbeteringen. Door persoonlijke contacten met ambtenaren van de provincie wordt de samenwerking sterk bevorderd.
 
Jan Schreurs geeft twee voorbeelden van goed bouwmeesterschap en het verbeteren van de ruimtelijke kwaleit in Nunspeet, wijk De Marsse en de functieverandering van een boerenerf.

Vincent Grond

reacties

reageren

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.