Doesburg – Snelle en betaalbare uitbreiding Beinum West

Op een studiebijeenkomst van de Gelderse Studiekring voor Ruimtelijke Ordening (GSRO) schetste projectleider André Putker van de gemeente Doesburg de duidelijke en
strakke kaders van zijn opdracht. Doesburg had behoefte aan circa 200 woningen,
maar die moesten vooral snel worden gebouwd én betaalbaar zijn. Het resultaat is inmiddels zichtbaar.

Die kaders leverden de nodige hoofdbrekens op voor stedenbouwkundige Guido Yntema van Pouderoyen Compagnons. Toch is hij erin geslaagd om een verdedigbaar ontwerp op te leveren. Verdedigbaar, want de op sommige punten kritische vragen van de GSRO-leden kon hij met succes pareren. Een enkel ontwerp-idee, zoals de brink en de wijkontsluiting, is bij de uitvoering niet helemaal goed uit de verf gekomen. Maar het plan moest dan ook snel worden gerealiseerd én betaalbaar zijn.

Wat ook zeer bewonderingswaardig is bij dit project is het aanbestedingsproces (“design and construct”) en de samenwerking tussen gemeente, de corporatie Woonservice IJsselland, de welstandscommissie en de stedenbouwkundige. Samen waren zij ook vertegenwoordigd in een kwaliteitsteam. Dat heeft veel baat opgeleverd bij het hele proces. Opmerkelijk is het ontbreken van een projectontwikkelaar. De corporatie kocht bouwrijpe kavels van de gemeente en fungeerde vervolgens als opdrachtgever. Via een onderhandse aanbesteding is vervolgens een aannemer uitgekozen op basis van de meest economische aanbieding. Kwaliteit èn prijs waren daarbij belangrijke gunningscriteria.

Na de start van de bouw in 2010, vertraagd door de aanwezigheid van een steenuil en een handvol bezwaarmakers, zijn inmiddels 150 betaalbare koop- en huurwoningen opgeleverd. De prijscategorie was € 145.000 VON (goedkope koop) en € 172.000 VON (betaalbare koop). Voor dat laatste bedrag heb je in Beinum West een twee-onder-een-kapwoning met een beukmaat van maar liefst 6 meter. En dan resten er nog een behoorlijk aantal kavels in de vrije sector.

Beinum West is een sprekend voorbeeld van een goede samenwerking bij een ontwikkeling met blauwdruk-achtige trekken. Maar toch ook met ruimte voor omwonenden en toekomstige bewoners via een klankbordgroep. Een voorbeeldig proces dat al op veel landelijke belangstelling heeft mogen rekenen.   

reacties

Post moderne Socialistische Stedenbouw ?
Misschien was het proces wel een voorbeeld: aanbesteding door middel van de vraag: “Hoeveel kwaliteit kunt u leveren voor dit geld?” In een crisissituatie, waarin alle bouwers vechten om elke opdracht, ongeacht wat ze ermee verdienen, kom je zo een heel eind. Maar je komt nooit verder dan de kwaliteit van de opdracht. Die was ver beneden de maat: “Maak maar een ladeplannetje” zei de SP wethouder, “Wat het wordt doet er niet toe, als het maar goedkoop wordt” Goedkoop is het geworden, zeker. Een ontwerp dat volkomen losgesneden is van zijn context. Niets heeft het te maken met het grandioze rivieren landschap waar het zo hard in ingrijpt, niets heeft het te maken met het prachtige stadje Doesburg, niets met de andere delen van Beinum waar het tegenaan ligt, en ook is het geen dorpsrandje geworden. Een autonoom stadsvormpje, dat ook op zichzelf beschouwd geen kracht heeft. Was het nou een vlinder of een zandloper ? Of toch maar liever een brink? Of noemen we het Hollandse Nieuwe ? Ach wat doet het er ook toe, als het maar goedkoop is.. Is dit wat de SP aan kwaliteit te bieden heeft? Treurig... Graag denken wij terug aan de oude sociaal democraten, toen ‘socialistisch’ ook nog een cultureel ideaal was.
Maarten de Vletter

Beinum West, uitbreiding Doesburg, excursie GSRO 11 oktober 2012
Gestelde randvoorwaarden ter realisatie van deze woonwijk, ein bißchen dallie dallie, heeft tot organisatorische slimheid en resultaat geleid. De omstandigheden, het geringe budget, de overzichtelijke opgave, doen sterk denken aan onze beroemde tuinstadopgaven. Deze erfenissen blinken uit door de samenhang tussen landschap en stedenbouw, de organisatie van wonen, straten, voortuinen met plint, pleinen, architectuur en openbare ruimte in een eenvoudige, doch complexe samenhang. Een spagaat om je tanden in te zetten, er viel veel op te lossen en samen te brengen in betaalbare kwaliteit. De gewenste variatie van makelaars, betrof hier enkel (en eindeloze) variaties op thema’s, je hoorde Bach spelen. Wij denken hierbij gaarne terug aan J.W. von Goethe, die kijkend naar SBS 6, de Sterrenslag, Goede tijden, Slechte tijden, echte Hollandsche Huisjes, bij wat wijn uitbracht: ‘alles is al eerder bedacht. Het vergt alleen de kunst om er weer aan te denken’
Beinum West: een aansprekende luchtige vorm ter organisatie van blokjes en wegen, ‘n vlinder/zandloper ,met sterk onderscheidbare randen, wordt niet ondersteund door de optelsom van gewenste (goedkope) ladenarchitectuur. Daar kan die architectuur ook niets aan doen. Die heeft daar, bij wijze van, niet om gevraagd, die is gewoon uit de lade gehaald ter wille van de gewenste makelaarsvariatie, want die verkoopt. Het bindweefsel van de tuinstad, de optelsom van plint, de samenhang van muren en schuren, in Beinum West ingezet, mist elke kracht en esthetische kwaliteit en het bindt niets. Noch sterker: de beoogde plint van de woningen aan de straat ontbreekt en de eventuele haag staat niet op algemene grond en is gedoemd te worden vervangen door Bouwmarktelementen, de gewenste variatie van bewoners. Op buurtniveau wordt de aardige zandloper, aan de noordzijde begrensd door uitzicht op resten van een monumentaal rivierenlandschap, ter zuidzijde door een natuurlijk te ontwikkelen wadi met in de rug de provinciale weg. De vleugeltjes van de vlinder worden op termijn aan de zuidzijde, de tekening bekijkend, gebonden door uitbreidingen van andere aard. Toch jammer van die vlinder, maar men wil een (stedelijk) plein met onderscheidbare randen, de vlinder wordt een motje. De hoop is dan gevestigd op de openbare ruimte, maar de dure optelsom van bestratingen in mooie verbanden (hier had men echt geld teveel?) , half gesmolten Philips-armaturen en zwakke beplantingslijnen, trekken de mooie vlinder niet meer vlot.
Wat de tuinstad leert, op eenvoudige wijze, is dat variatie what-so- ever wel gebonden moet worden door sterke hoofdlijnen. Het een moet het ander ondersteunen. Een overkill aan variatie kan niet meer gered worden door dure bestratingen en wat bomen in een verder aardig landschap, dat is zinloze mosterd na de maaltijd.
ir. T. Thus, landschapsarchitect-stedenbouwkundige

Was het maar waar dat we niets méér behoeven te doen dan ons te herinneren hoe het ooit gedaan is. Zó simplistisch was de Heer Von Goethe niet, nog een keertje nalezen Ton! Natuurlijk moeten wij ons het verleden herinneren, en inderdaad Ton, dat is hier in Doesburg slordig gedaan, maar er is meer nodig voor een aardig stukje stedenbouw: actualiteit. Er is een actuele agenda, een actuele marktvraag, actuele politieke werkelijkheden.. Dáárop moet een ontwerp een antwoord zien te vinden, dat is veel meer dan herinneringen aan vroeger, toen “geluk nog vanzelfsprekend was”, althans vanuit het perspectief van nu. Nee, met herinneren alleen maken we geen goed stedelijk landschap... Maar: even kijken naar de vele prachtige Nederlandse tuindorpjes, dat kan geen kwaad natuurlijk, ook als het snel moet, juist als het snel moet. Dan haalt een gewiekste landschapper/stedenbouwer álles wat hij kent uit z’n broekzak en doet daar iets zinnigs mee in déze opgave. Natuurlijk moet het toegesneden zijn op deze plek en op dit moment in de geschiedenis, maar gebruik maken van ervaringen uit het verleden, ja doe dat maar wel, dan is de kans dat het iets meer wordt dan ‘goedkoop’ wel groter.

reageren

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.